JOHAN TAHON
Johan Tahon (°1965, Menen)
studeerde beeldhouwkunst aan de Koninklijke Academie voor Schone
Kunsten te Gent. Zijn interesse in Egyptische en Afrikaanse beeldhouwkunst
bracht hem oorspronkelijk bij het traditionele beeldhouwen: werken
met klei en gips. Behalve gips en brons, gebruikt Tahon recent
ook transparant rozige en blauwe polyester.
Zijn beeldhouwwerken stellen steeds ijle menselijke figuren voor,
die in hun witte eenvoud zowel herkenning als bevreemding oproepen.
Tahon verkent de grenzen van het persoonlijke en het universele,
van het metafysische en het wetenschappelijke: het zoeken naar
een soort oervader, een tekort aan God of bescherming tegen het
zinloze. Zijn beelden en figuren vertellen het verhaal van de
zoekende mens. Ze stralen tegelijk spirituele en mythische kracht
uit.
Androgyn Heart
In
zijn atelier – een grote ruimte in een voormalige textielfabriek
– heerst de sfeer van geordende chaos. Overal staan beelden
of delen ervan - onaf nog, wachtend op een vervolg. Hier een stel
benen, daar twee hoofden. Sommige stukken zijn herkenbaar, andere
hebben geen betekenis zonder hun uiteindelijke bestemming. In
het midden staat een langgerekte figuur in wankel evenwicht. Een
wezen met spillebenen en twee enorme ballonnen op de billen. In
zijn witte eenvoud roept het zowel herkenning op als bevreemding.
De buitenmaatse proporties geven de figuur een haast onaards karakter.
“Ik ga nooit bewust zoeken naar een extreme vervorming,”
zegt beeldhouwer Johan Tahon. “Ik probeer wel dingen die
ik mooi of interessant vind met elkaar te combineren, maar zonder
de bedoeling van monsters of gedrochten te creëren.”
Tahon praat aan een stuk door, rijgt gedachten aan elkaar, overpeinst
ze even en gaat ze vervolgens verder uitspinnen. Zijn verhaal
is letterlijk en figuurlijk een zoektocht die haar oorsprong vindt
in de traditie van de beeldhouwkunst. Tahon: “Ik ben oorspronkelijk
gestart in de traditionele zin van beeldhouwen. Werken met klei
en met gips. Ik was en ben nog steeds geïnteresseerd in de
Egyptische en Afrikaanse beeldhouwkunst. Ik denk dat er een lijn
loopt van hele primitieve vormen van beeldhouwen, over de Egyptenaren
en de Grieken, via Michelangelo, Rodin en Giancometti tot vandaag.
Die lijn boeit mij. En ik hoop dat mijn figuren – inhoudelijk
gezien – voelbaar gemaakt zijn na een Andy Warhol of na
een Beuys; maar dat ze ook binnen diezelfde traditie zitten.”
Alleen daarom al is dat figuratieve voor hem belangrijk. Want
hoewel zijn beelden abstracter worden, speelt het menselijke lichaam
de hoofdrol in zijn werk. “Ik vind het wel mooi om een taal
te spreken, die begrijpbaar is voor een toeschouwer. Het is belangrijk
om mensen de hand te reiken, ze mee te nemen in je verhaal, ze
nieuwsgierig te maken. Vanaf het moment dat een figuur te abstract
wordt, verlies je elke emotionele verbinding. Een voorbeeld: je
prikt spijkers in een doos en je prikt spijkers in een popje.
Dat is een duidelijk verschil. En dat is wat ik wil: mensen emotioneel
raken en een soort spiegelervaring geven.”
Zijn beelden
spreken een duidelijke taal: je ontkomt niet aan de verstilde,
haast mythische kracht die ze uitstralen. En al pratend lijkt
het wel of Tahon zijn beelden bij elkaar filosofeert: “Het
metafysische trekt mij aan. Ik ben heel nieuwsgierig naar dat
deel van het leven en de kunst. En ergens denk ik dat de basis
van echte beeldhouwkunst volledig met dat metafysische te maken
heeft. Ik omring mij trouwens constant met boeken, waarin ik probeer
de energie te vinden voor een dag. Voor mij is dat een manier
om mezelf – heel bewust – te beschermen tegen het
zinloze.”
Waarom? De meest prangende vraag van allemaal: waarom doet een
mens wat hij doet? Tahon: “Ik moet dit doen om mijn eigen
evenwicht te bewaren. Waarom? Er zijn vele antwoorden mogelijk.
Misschien is het louter een houvast en ben ik voor een stuk een
kind gebleven dat die kleine speelgoedpoppen van vroeger nu in
het groot maakt. Maar het kan ook voortkomen uit een veel diepere
honger: het zoeken naar een soort oervader, een tekort aan een
god of een zin. Het kan ook een seksueel verlangen zijn om dingen
groter te maken en te imponeren, en op die manier aandacht te
krijgen. Ik ben er al mee bezig van toen ik 14, 15 jaar was. Maar
ik wilde in feite nooit kunstenaar worden. Kunst is voor mij een
instrument. Het werkelijke onderzoek gaat alleen over mezelf en
waarom ik hier ben. Ik weet ook niet hoe het komt, maar ik moet
piekeren en nadenken over dingen die misschien niet nodig zijn.
Maar misschien is dat juist de taak van een kunstenaar: je helemaal
verdiepen in dat persoonlijke onderzoek, waar mensen in een gestructureerde
maatschappij geen tijd voor hebben. Zeer subjectief, tot op het
onderbewuste niveau dingen toelaten en toevalligheden laten gebeuren.
En ik merk dat ik precies in dat hoogstpersoonlijke verhaal heel
universeel word.”
Zijn beelden en figuren vertellen het verhaal van de zoekende
mens. Tahon verkent de grenzen van het persoonlijke en het universele,
van het metafysische en het wetenschappelijke. “Ik heb me
onder andere verdiept in het sjamanisme en de quantumfysica. Sjamanen
geloven in een realiteit naast de onze, een niet-tijdzone die
ons volledig omringt – en de quantumfysica komt tot de veronderstelling
dat dit waarschijnlijk waar is. Sjamanen zijn in staat om die
andere realiteit te betreden. In bepaalde omstandigheden –
in dromen bijvoorbeeld – kan iedereen contact maken met
die niet-tijdzone. Het zou de plaats zijn waar het goddelijke
aanwezig is. Een van de merkwaardige vaststellingen, vind ik,
is dat een sculptuur niet mag bewegen om sculptuur te zijn. Niet
tegenstaande alle technische mogelijkheden, hebben we het verlangen
om een sculptuur als stilstaand te blijven zien. Misschien is
dat wel het punt waar je contact maakt met die niet-tijdzone,
misschien is zo’n stille sculptuur uitdrukking van een verlangen
om deel uit te maken van die niet-tijdzone…”
Op een of andere manier vinden al die gedachten en hersenspinsels
een neerslag in zijn beelden. Witte gipsen en transparante, rozige
figuren in polyester (een materiaal dat Tahon pas recent ontdekte).
In al hun eenvoud en eenzaamheid, stralen ze spirituele en tegelijk
sensuele kracht uit.
www.johantahon.be